12-10-2013
De dag kwam dichterbij en ik zag er tegen op.
En dan is de dag daar.
Om 6:30 uur is het tijd om op te staan. Alle passagiers
moeten de cruise verlaten dus ook mijn familie en ik na een hele gezellige week.
Het verlaten van het schip duurt wat langer dan verwacht. Daarnaast moet de
eerste helft van mijn familie wachten op de tweede helft die op een andere tijd
het schip moet verlaten. Om een uur of 11:00 staat iedereen eindelijk buiten.
Zij bellen een shuttle van Ft. Lauderdale naar Miami en ik pak een taxi naar de
‘Ft. Lauderdale International Airport’. Iedereen krijgt een knuffel en de
tranen die komen kan ik onmogelijk tegenhouden. In de taxi en zelfs op het
vliegveld blijven ze nog even vloeien
Ft. Lauderdale-
Washington Dulles ( Vertr: 18.40- Aankomst 21:12)
Het wachten lijkt een eeuwigheid te duren. De tijd kruipt
voorbij. Ik neem een tijdje de stof door die binnenkort in mijn hoofd zal
moeten prenten voor het tentamen. Met elke zin dat ik lees voel ik me meer en
meer vermoeid.
Een bejaarde vrouw die naast me zit laat iets vallen. Ik
kijk onder de rij stoelen en zie een pakje snoepjes liggen. ‘Don’t worry. I’ll get
them’, zegt zij. Voordat zij in beweging kan komen reik ik onder de stoel en
tover het pakje tevoorschijn. Lifesavers.
‘That’s very kind of
you’, zegt ze dankbaar.‘Do you want one?’, vraagt ze. Ik bedank haar maar weiger een snoepje aan te
nemen. We wensen elkaar een fijne reis toe als ze richting haar gate loopt.
Dan leg ik mijn hoofd neer op mijn tas dat ik op de stoel
naast me heb neergelegd, waardoor mijn lichaam een hele oncomfortabele houding
aan neemt. Elke keer dat ik mijn ogen open lijkt er maar een half uur voorbij
te zijn gegaan. Om me heen stappen mensen in en uit vliegtuigen. Het kan me
allemaal niks schelen.
Ik moet wat langer hebben geslapen want wanneer ik mijn ogen
weer open staat er een Afro-Amerikaanse vrouw voor me die me zich voorover
buigt en me bezorgd aankijkt. 'What time is your flight honey?' Het doet me
goed om te weten dat een wild vreemde zich om mij bekommert. Ik vertel haar dat ik nog minstens 4 uur moet wachten, nadat de eerste
twee uur eindelijk voorbij zijn. Zonder nog iets te zeggen neemt ze verder op weer
plaats op haar eigen stoel.
Kwart voor 7 stijgt het vliegtuig eindelijk op uit Ft.
Lauderdale. Ongeveer 2 uur en 30 minuten
nadat het vliegtuig in Ft. Lauderdale is opgestegen landt het in Washington
Dulles. Ik heb nauwelijks een woord uitgewisseld met het stelletje naast me en
haast de hele tijd geslapen.
Washington Dulles-
Frankfurt (Vertr. 22:00-aankomst 11:50 +1 dag)
Ik weet nu eindelijk waar de D. van Washington D. C. voor
staat. Ik kan nu ook zeggen dat ik een Washington D.C. geweest ben. Als bewijs
heb ik haast een trui gekocht. Voor de
rest kan ik zeggen dat het vliegveld heel groot is omdat het 10 minuten duurt
om van gate 22D naar Gate 1C te lopen. Gelukkig heb ik genoeg tijd.
Slechts een minuut of twintig later is het al weer tijd om
in te stappen in het vliegtuig naar Frankfurt. Ik loop het vliegtuig in en staar
een tijdje naar de opbergcabine boven mijn stoel die volledig gevuld is en
probeer te bedenken waar ik mijn rode koffertje kwijt kan. De man die op de
stoel naast die van mij zit kijkt me aan. Hij blijft me een tijdje aan kijken maar
vraagt dan of ik zijn zwarte rugzak kan aangeven die de helft van de cabine in
beslag neemt. Voorzichtig, gebaart hij. Ik onderschat het gewicht van de tas en
trek het met een hand uit de cabine waardoor ik het bijna laat vallen. De man
buigt zo ver mogelijk voorover om de tas te ondersteunen.
Ik stop mijn koffertje in de ruimte die vrij is gekomen en
neem naast de man plaats. Ik merk aan zijn gezicht meteen dat hij uit India
komt en het ‘speciale’ eten dat hij later krijgt ‘Vegetarian Indian Curry’
bevestigt mijn vermoeden. Aan de andere kant van mij neemt een Aziatische man
plaats. Ik bedenk dat ik een wens kan doen maar later vergeet ik werkelijk wat te wensen.
Net voor de landing in Frankfurt wijs ik mijn buurman, die
uit India komt maar in de Verenigde Staten woont, er op dat de passagiers
verzocht zijn de luikjes voor de raampjes van het vliegtuig naar beneden te
schuiven. Dit is in het Duits maar niet in het Engels vermeld.
Het valt me op hoe vermoeid hij er uit ziet en ik voel wat
medelijden als hij zijn handbagage uit de opbergcabine tilt.
Het vliegtuig komt te laat aan. Voordat ik me uit het vliegtuig haast om mijn connectie naar Amsterdam te halen, waar ik nog precies 30 minuten voor heb, wens ik hem een prettig vervolg van zijn reis, nog zo’n 7 uren vliegen naar Mumbai.
Het vliegtuig komt te laat aan. Voordat ik me uit het vliegtuig haast om mijn connectie naar Amsterdam te halen, waar ik nog precies 30 minuten voor heb, wens ik hem een prettig vervolg van zijn reis, nog zo’n 7 uren vliegen naar Mumbai.
Mijn andere buurman vertelt me uitgebreid over de functie
waar hij voor gaat solliciteren. Ik probeer geconcentreerd te luisteren maar
het enige wat ik begrijp is dat het iets met landbouw en handel te maken heeft,
dat hij verschillende landen zal moeten bezoeken en dat hij erg enthousiast is.
Ik schaam me om een herhaling van het hele verhaal te vragen dus ondanks dat ik
haast niks begrijp, wel het essentiële geloof ik, lach ik hem toe en knik ik. Ik wens hem succes met zijn
sollicitatiegesprek en dan scheiden onze wegen.
13/10/2013
Frankfurt-Amsterdam
(Vertrek 13:00- Aankomst 14:10)
Zodra ik het trapje afloop met de bedoeling naar een bus te
gaan die de passagiers naar de gates moet brengen zie ik onderaan het trapje
een vrouw staan. Op het bordje in haar hand staat ‘ Amsterdam’ en wat nummers en letters wat niks anders dan het
vluchtnummer kan zijn. Ik besef dat ik te laat zal zijn om mijn vliegtuig te
halen als ik nu nog op zoek moet gaan naar mijn gate. Misschien kan zij me
helpen, dus ik stap op haar af. ‘What does this mean?’, vraag ik en wijs op het
bordje. ‘I have to go to Amsterdam.’ Ik laat haar mijn instapkaart zien en
vanaf dat moment gaat het allemaal heel snel. Ik stap in een aparte bus met nog
een stuk of 3 anderen en twee vrouwen in fluorescente kleding brengen ons direct
naar onze gate dat een flink stuk verderop ligt. Uit het gesprek dat de vrouwen
in het Duits voeren maak ik op dat de United Airlines connectievluchten ‘immer
spät’ (altijd laat) zijn. ‘Danke’, breng ik uit,
voordat de vrouwen ons voor onze gate achterlaten.'
Een uurtje later nadert het derde vliegtuig waar ik in ben
gestapt, met bestemming Schiphol.
In Amsterdam waait de wind hard. Daarnaast is er kans op regenbuien en het is een graad of 8, maak ik op uit de Duitse woorden die kort voor de landing door het vliegtuig klinken. Geweldig vooruitzicht. Als de Engelse vertaling volgt valt het me op dat het weer niet klopt met wat er in het Duits verteld is. Bovengenoemde, naar mijn mening belangrijke, details worden achterwege gelaten.
In Amsterdam waait de wind hard. Daarnaast is er kans op regenbuien en het is een graad of 8, maak ik op uit de Duitse woorden die kort voor de landing door het vliegtuig klinken. Geweldig vooruitzicht. Als de Engelse vertaling volgt valt het me op dat het weer niet klopt met wat er in het Duits verteld is. Bovengenoemde, naar mijn mening belangrijke, details worden achterwege gelaten.
Om me heen hoor ik
een mengelmoes van Nederlands en Duits. Een enkeling spreekt Engels. Het wordt
weer overschakelen.
Schiphol-Zeist
Ik loop door de aankomsthallen. Wanneer ik langs de douane
loop kijk ik om de een of andere reden de andere kant op en voel ik me ongemakkelijk en haast
verdacht. Ze kunnen me elk moment tegenhouden om mijn tas op zijn inhoud te
onderzoeken, spookt het door mijn hoofd. De controle blijft uit.
Ik koop een treinkaartje en zit 3 minuten later in de trein en een half uurtje later loop ik door de regen naar de bushalte. ‘Het regent al de hele dag’, hoorde ik wat meisjes in de trein zeggen.
Ik koop een treinkaartje en zit 3 minuten later in de trein en een half uurtje later loop ik door de regen naar de bushalte. ‘Het regent al de hele dag’, hoorde ik wat meisjes in de trein zeggen.
‘De bus komt over ongeveer een kwartier’, vertelt een man
die staat te wachten met zijn dochtertje. Fijn.
Al snel wordt de groep bij de bushalte groter. ‘Wat is het koud’, klaagt iedereen. Een vrouw wrijft in haar handen en lacht mij, haar lotgenoot, toe. Ik bedenk me dat het wel iets gezelligs heeft om met z’n allen te staan trillen bij de bushalte terwijl je tevergeefs probeert te schuilen onder het afdakje dat geen bescherming biedt tegen alle nattigheid dat in horizontale richting aan komt waaien.
Al snel wordt de groep bij de bushalte groter. ‘Wat is het koud’, klaagt iedereen. Een vrouw wrijft in haar handen en lacht mij, haar lotgenoot, toe. Ik bedenk me dat het wel iets gezelligs heeft om met z’n allen te staan trillen bij de bushalte terwijl je tevergeefs probeert te schuilen onder het afdakje dat geen bescherming biedt tegen alle nattigheid dat in horizontale richting aan komt waaien.
In de bus is het heerlijk. De verwarming staat aan.
Ik vloek in mezelf terwijl ik het laatste stukje door de regen loop naar huis.
Ik vloek in mezelf terwijl ik het laatste stukje door de regen loop naar huis.
Om 16:00 uur ben ik thuis
In huis is het warm. De volle vuilnisbak, die ik elke week moet legen als huistaak, staat trouw op me
te wachten.
Ik open mijn kamerdeur. De geur van nieuw laminaat, dat er
nu al een jaar ligt, komt me tegemoet. Geen aangename geur.
Ik staar al een tijdje voor me uit en bevind me in een verdoofde toestand, terwijl mijn hoofd nog op de boot zit en mijn kamer heen en weer wiegt.


Geen opmerkingen:
Een reactie posten