dinsdag 24 mei 2016

Sommige zeggen het gras lijkt veel groener...

'Hoe was je reis in Praag?', wordt mij de laatste dagen vaak gevraagd. Die vraag is heel normaal. Als iemand net teruggekeerd is van vakantie en jij weet er van dan vraag je meestal hoe het was, tenzij je niet geinteresseerd bent maar dat is een ander verhaal.
Als iemand mij vraagt hoe het was dan antwoord ik naar waarheid dat het het 'super leuk' was, 'fantastisch' en dat ik het jammer vind dat mijn reis voorbij is, omdat ik graag wat langer had willen blijven. Alles daar was zo mooi, maar het was vooral heel anders en daarom vond ik het erg interessant. 



Het waren allemaal nieuwe indrukken en ik genoot van de gebouwen in de verschillende stijlen, de geschiedenis, de natuur, het eten, de mensen en raakte maar niet uitgewandeld, uitgegeten en uitgekeken. 










Niet iedereen dacht hier hetzelfde over. Ik ontmoette tijdens mijn reis veel verschillende mensen. Zo ontmoette ik ook een groepje uit Servie. Een meisje vertelde me dat zij de stad niet zo interessant vond. Het leek namelijk erg veel op waar zij vandaan kwam. 



Ik ontmoette een Frans meisje, die momenteel in Parijs woont. Zij miste haar eigen stad en keek er naar uit het gras dat daar groeit weer te knuffelen.
Ik ontmoette een jongen die vond dat de stad Praag hem, vergeleken met zijn eigen waanzinnig grote, internationale en drukke stad New York, niks te bieden had. Hij kwam het hostel daarom ook haast niet uit. Dit kwam gedeeltelijk ook omdat hij lui is en het verkiest een boek te lezen over de stad dan er door heen te wandelen en het werkelijk te ervaren. We vroegen ons af waarom hij uberhaupt in Praag was.



Ik vond Praag prachtig en genoot met volle teugen, nam alles in me op en ging elke dag van vroeg tot laat op pad. Vier uurtjes slapen per nacht was voldoende want er was geen tijd te verliezen. De tijd staat niet stil, dacht ik, dus ik kon het me niet veroorloven stil te staan.
Ik heb in 5 dagen ontzettend veel gezien maar er is een tijd van komen en een tijd van gaan en de tijd van gaan was gekomen en ik moest dus gaan. 
Ik vond het erg jammer want het gras leek daar groener dan aan de overkant. Ik beloofde mezelf terug te keren en stapte in het vliegtuig naar Nederland. 





Vanaf het moment dat ik uit het vliegtuig stapte en op een plek belandde waar alles 'zo gewoon' is, voelde het vreemd terug te zijn. Er was iets veranderd in mij. Ik keek niet langer om me heen want wat er in Nederland te zien is dat ken ik al. De weg naar huis vinden, dat kan ik met mijn ogen dicht en twee vingers in mijn neus.
Ik vond het niet nodig om hier tijdens een ritje in de trein naar buiten te kijken, de Nederlandse weilanden en koeien en moestuinen, de huizen waar aan de trein voorbij flitst, de verschillende stations waar de trein even stopt zijn mij al bekend en zijn niet langer interessant. 




Het gras leek opeens veel minder groen en toen drong het tot me door. Ik besefte wat ik aan het doen was en hoe ik alles in "mijn eigen land" opeens voor lief nam.
Ik besefte dat het vergelijkbaar is met wat vaak gebeurt in een relatie en wat vaak ook het einde van die relatie betekent. Aan het begin zijn er allemaal nieuwe indrukken, nieuwe ontdekkingen en is het allemaal leuk en reuze interessant. Na een tijdje is het nieuwe en interessante er vaak een beetje af, heb je het allemaal wel een beetje gezien, besteed je er minder aandacht aan en begint het soms zelfs te vervelen. Alles wat mooi was, waarop je verliefd werd is dan opeens 'zo gewoon'.




Ik besefte dat het reizen naar een nieuwe plek vergelijkbaar is met het kijken naar de wereld vanuit de ogen van een kind. Als je op een plek komt dat je nog niet kent dan beleef je de wereld vanuit de ogen van een kind. Dit kind wordt dan overspoeld door nieuwe indrukken en wil zijn omgeving op alle mogelijke manieren ontdekken, door te proeven, door te voelen, door te zien. OP het moment dat je dan terugkeert naar je normale omgeving is het alsof je een deel van die nieuwsgierigheid verliest. In je eigen omgeving neem je de 'normale' dingen al snel voor lief.




Het zou mooi zijn als iedereen de 'gewone' dingen, ook als ze het hun hele leven al hebben gezien, ook als ze het goed kennen, nog zouden kunnen waarderen en er nog enthousiast op zouden kunnen reageren. Het zou mooi zijn als we voor 'de gewone dingen' , dankbaar zouden kunnen zijn.

Het zou mooi zijn als we allemaal zouden willen blijven ontdekken. Het zou mooi zijn als we dingen wat minder voor lief zouden nemen, wat minder door het leven zouden rennen alsof dat waar we aan voorbij rennen er niet toe doet. 








Het zou mooi zijn als wij wat vaker stil zouden staan bij de dingen die aan die voorbijrazende trein, die wij zelf zijn, voorbij gaan.
Het zou eigenlijk heel mooi zijn als we nieuwe plekken kunnen ontdekken en waarderen maar ook allemaal naar huis zouden willen rennen, rijden of vliegen. Het zou mooi zijn als we er allemaal naar uit zouden kijken om ons eigen gras te knuffelen. Het mooi zijn als we vaker bij ons eigen gras stil staan om er op een andere manier naar te kijken, om het nader te onderzoeken, om het nogmaals te ontdekken, om het te bewonderen en ervan te genieten.









Geen opmerkingen:

Een reactie posten