familie, v
- (familie) (bloed)verwantschap door een gemeenschappelijke oorsprong
- We zijn met de hele familie, inclusief alle klein- en achterkleinkinderen, naar de honderdste verjaardag van oma geweest.
Alles is familie.
Een film die ik trouwens nog steeds dolgraag wil zien, maar het is er nog niet van gekomen.Maar het is de waarheid als een koe.
Het begint allemaal met familie en dat is waar het eindigt.
Familie is het enige wezenlijke dat je achterlaat, wanneer je deze wereld verlaat en weer verder gaat.
Je kunt familie zien als een spiegel, waarin je jezelf herkent en waardoor je wat beter begrijpt waarom je bent zoals je bent.
Vandaag werd me zo'n spiegel voorgehouden.
In een generatie verder zag ik mijn generatie, inclusief ik, gereflecteerd.
Het had twee uurtjes geduurd maar ik was aangekomen in het Verre Oosten van Nederland.
Een uur later was ik op een onbekende school beland.
We waren wat aan de late kant, omdat degene waar het allemaal omdraaide blijkbaar geen haast had.
Bij de receptie vroeg hij waar we eigenlijk moesten zijn (had hij eerder kunnen uitzoeken).
Toen we er eindelijk achter kwamen liepen we naar de zaal. We kozen een plekje helemaal vooraan.
Nu dachten we dat we het gevonden hadden, maar kort daarna bleek het dat we in de verkeerde zaal zaten (Ja, ook dat nog. Maar geen ramp.)
Geen probleem, we tilden ons achterwerk op, pakten alles op en als de groepje herriemakers die we zijn kwamen we uiteindelijk de juiste zaal binnenlopen en namen plaats.
Ik herkende dit gedrag:
Het niet weten waar je naartoe moet en te laat zijn.
Ik was ook niet enige die altijd alles kwijt raakt, kwam ik later achter.
Er wordt me dikwijls verteld dat ik ook mijn hoofd zou kwijtraken als het niet vastzat.
Vroeger (want ik ben al zo oud), vond ik dit erg frustrerend, maar langzaam maar zeker begin ik het te accepteren dat ik nou eenmaal ben zoals ik ben.
En blijkbaar worden deze eigenschappen toch echt gedeeld door meer leden van de familie.
Ergens is dit wel heel fijn om te weten.
Kort nadat we hadden plaatsgenomen stapte er een man naar voren. Hij begon met een inleidende toespraak.
Wij letten niet op. Het kon ons niet snel genoeg gaan.
Het leek alsof ik omringd werd door kleine kinderen, die een generatie eerder geboren waren dan ik, maar voor de rest niet erg veel van mij verschilden. Ik paste er prima tussen.
'Zonder ons was die diploma uitreiking een grote flop', zei een van mijn achterneven achteraf.
We praatten door de andere toespraken die volgden heen.
We konden ons stuk voor stuk heel slecht concentreren.
Een van mijn achterneven tikte met zijn vingers op het tafeltje in de collegezaal. Dit maakt mij altijd nerveus 'Houd op!' fluisterde ik. Hij ging express door. Ik herkende het gedrag van mijn broer.
Daarna stootte hij me voor de grap verschillende keren aan.
Hij en zijn vrouw, die aan mijn rechterkant had plaatsgenomen, leunden naar voren en keken elkaar met schele ogen aan.
We maakten foto's van elkaar en probeerden de rest van de tijd onze lach te onderdrukken.
Dit herinnerde me aan de verschillende (oneerbiedige) momenten die ik met mijn moeder heb doorgebracht in de kerk, dan zaten we alleen te kletsen, voornamelijke om de andere kerkgangers.
Als het tijd werd om te zingen zongen we wel met volle borst, terwijl mijn opa die dan naast me stond, deed alsof hij alle woorden kende maar ondertussen maar wat mompelde.
Hij begint te lachen als ik hem op zulke momenten aankijk. Als ik er aan terug denk moet ik nog steeds elke keer lachen.
Toen was het eindelijk zo ver. Hij stapte naar voren in zijn nette pak. Zijn decaan, waarmee hij een hele goede band bleek te hebben, begon aan de toespraak die hij zorgvuldig had voorbereid.
Het was een mooie toespraak, erg persoonlijk en welgemeend.
Ik glimlachte.
Ik wist dat het komen zou, want het was vermeldenswaardig, dus ergens was ik er op voorbereid maar toch sprongen de tranen in mijn ogen toen hij begon over die dag in 2006. Het is al een tijd geleden maar ik herinner me het nog als de dag van gisteren, want dat nieuws op die dag sloeg bij mij en de meeste van mijn familieleden in als een bom.
Ik kon het niet geloven. Ik wou het niet geloven.
'Nee, het is niet waar.' bleef ik herhaaldelijk zeggen,
nadat we waren opgebeld.
Tranen rolden over mijn wangen bij alle herinneringen die weer omhoog borrelden.
Ik dacht terug aan die dag, de tijden die eraan voorafgingen en de tijden die erop volgden, het grote verdriet van mijn oma, mijn moeder, mijn neven en van vele anderen waar ik altijd naar heb op gekeken en die ik nog nooit eerder had zien huilen, de begrafenis.
Ik had nog nooit van mijn levensdagen zo veel gehuild.
Ik was nog nooit zo diep geraakt en nu weer.
Maar, en nu zal ik de woorden van mijn andere en 'knapste achterneef '(ook zijn woorden) herhalen: 'Het overkomt je. Je wilt het liefst gaan zitten, maar het heeft geen zin.'Er werd me een glas water aangeboden, die ik geheel overrompeld door de tranen, zonder te bedanken aannam.
Daar zat ik dan met tranen in mijn ogen, trots op mijn achterneef, die als een broer voor mij is, en dat altijd zal blijven, zelfs als ik hem 1,5 jaar lang niet gezien heb,sinds ik in Nederland ben komen wonen.
Ik ben trots. Het duurde door de omstandigheden wat langer maar hij heeft doorgezet, met onder andere de steun van zijn decaan die toen ook door een moeilijke tijd ging, en hij heeft het gehaald.
Daar stond hij dan, met twee vingers in zijn neus en zijn diploma in zijn hand.
Op zijn cijferlijst ontdekte ik veel studententienen, wat hogere cijfers en zelfs een 9.
Ik baalde. Voor even was ik weer veranderd in een emotioneel wrak. Ik denk dat het oerverdriet me weer overviel. Daarna huilde ik om van alles tegelijk en ik voelde de tranen om de zo veel tijd achter mijn ogen prikken. Het leek alsof er een kraan was geopend en alles eruit wou stromen. Gelukkig stroomde het een tijdje en was er daarna slechts af en toe sprake van wat gedruppel.
Het oerverdriet: Het besef dat we in ons bestaan als individu wezenlijk verstoorbaar zijn. Want mijn bestaan is alllen een tijdelijk evenwicht tussen krachten die verschillende kanten op werken. Elk moment kan dit evenwicht sneuvelen en ik daarbij.
-filosofe Angela Roothan-
Ik veegde mijn tranen weg of staarde de andere kant op, vooral niet laten merken.
Er volgde een gezellige borrel. We bleven als laatste groepje van 6 in de cafetaria achter.
Daarna gingen we uit eten.
Onder het genot van onbeperkt Chinees eten, een mogelijkheid waar sommigen van ons beter gebruik van maakten dan anderen, werd er gepraat en gelachen om van alles, en nog wat.
De meest sterke verhalen deden de ronde.
Het erge aan die verhalen is niet dat ze ongeloofwaardig lijken, maar dat ze ongeloofwaardig lijken maar echt werkelijk gebeurd zijn. Ik hoor namelijk al jaren verhalen, vanuit verschillende bronnen die aardig overeenkomen. Elk andere persoon zou gedacht hebben: 'Onzin! ' maar ik weet beter.
Ik heb een familie die zo gek is als een deur.
De een nog gekker dan de ander en sommigen ook echt gek.
Ik keek in de spiegel en zag dat ik meer leek op hen dan ik gedacht had.Nu zaten we met z'n zessen aan tafel, een stelletje gekken bij elkaar.
Gekken bij elkaar kunnen blijkbaar heel wat lachen.
Gekken bij elkaar, dat is wel heel gezellig.
Ik kreeg de kans om de mensen wat beter te leren kennen,
die me als baby gedragen hadden,
me blijkbaar in mijn kinderwagen hebben gezet en om het hardste met me door de tuin hadden gerend.
Dit was aardig goed afgelopen. Mijn broer en ik , want de ene achterneef reed met met ene helft van de tweeling en de andere met de andere helft, waren plat op onze gezicht beland, maar we waren ongedeerd.
Fijn dat ik dat nu hoor. Gelukkig kan ik er alleen om lachen.
Het is ook heel fijn om te weten dat ze ook mochten genieten van de geur van mijn poepluiers.
Ik groeide op en poepte niet langer in luiers maar toen ik oud genoeg en aan de vriendjes begon, begonnen zijn mijn vriendjes de stuipen op het lijf te jagen, om me geven doen ze zeker maar niet altijd op een even subtiele wijze.
Er werd me nog wat verhaaltjes verteld over kattekwaad dat mijn broer uithaalde,
toen we een jaar of 6 waren en daarna gingen de verhaaltjes over al het kattekwaad dat zij hadden uitgehaald.
Ons kattekwaad was er niks bij. Ik stond versteld en en lag constant in een deuk.
Ergens heb ik spijt dat ik dit soort dingen niet met mijn neefjes heb kunnen uithalen, laat staan navertellen, doordat er in die periode wel 7865 kilometer tussen ons inlag, maar waarschijnlijk had ik het toch niet gedurfd.Zo gek ben ik nou ook weer niet.
Ook nu moet ik een deel van mijn familie missen en ik zal veel herinneringen niet kunnen maken, laat staan na vertellen.
Het liefst ben ik bij mijn grootouders, want de tijd gaat verder. De tijd tikt niet terug.
Dat gemis en die heimwee is iets wat nooit verdwijnt.
Voordat ik aan mijn, twee uur durende, terugreis begon,
eindigde ik op een terrasje met een goede vriendin.
Het was erg gezellig.
We kletsten wat af.
Ik was blij dat ik er was.
Want alles is familie.
Een band waar je niet voor kiest,maar waar je wel beste van kan proberen te maken.
Die relaties moet je opbouwen en die banden moet je onderhouden.
Familie, dat is als een boom.
De takken zorgen voor evenwicht.
De wortels houden de boom staande.
Een boom zonder sterke wortels valt om bij het kleinste zuchtje wind.
Ik was blij dat ik er was.
Ik ben trots op mijn familie,
trots als een aap (in de boom).
Met knettergekke mensen had ik een fijne dag.
Ik had het voor geen goud willen missen.
Wow, Xenia. Mooi en intens. Carla
BeantwoordenVerwijderen