dinsdag 12 maart 2013

Jij/ik

Het is weereens tijd om te gaan,
Ik vertrek.
Tot ziens, zeg ik.
Tot straks en ik loop weg.
Ik loop van je vandaan,
terwijl ik me van je verwijder,
kijk ik naar je om,
met een glimlach op mijn gezicht,
want jij gaat met mij mee.

Je hebt geen keuze,
ik neem je mee.
Als een deel van mij,
Je bent als een deel van het huis waarin ik woon,
Ik liet je eens binnen,
Je was eerst te gast,
maar daarna trok je bij me in.

Je eiste een kamertje op,
dit had je wel verdiend.
Een kamer van jou alleen,
Samen decoreerden we de kamer,
met ervaringen als behang.
We hingen herinneringen aan de muren,
vulden de kamer met liefde als comfortabel meubilair.

Daar woon jij nog steeds,
in mijn huis
Blijf,
want bij jou kan ik mezelf zijn,
Je voegt wat toe,
en maakt dat ik hier niet alleen woon,
maar dat ik me werkelijk thuis voel.



















Geen opmerkingen:

Een reactie posten