dinsdag 12 maart 2013

Vol mooie conflicten.



Daar stond ik dan, om mijn eigen as te draaien. Dan weer liep ik in rondjes, dan weer kriskras over het plein, tussen de wilde dieren, dit keer groep 3 en 4. Het was koud en het liefst wilde ik met ze me mee rennen, me net zo uitleven als zij, maar ik moest staan blijven en de wacht houden. Het was opletten geblazen.

Het ene moment knuffelden ze elkaar en was alles koek en ei en het volgende moment was alles opeens omgeslagen en veranderde het knuffelen in een worstelpartij. Ik durfde haast niet met mijn ogen te knipperen, want om de haverklap ging het fout en barste er eentje in tranen uit.

Een blond meisje stond aan het begin van het speelkwartier tegen de muur met een boze uitdrukking op haar gezicht. Twee van haar vriendinnen stonden om haar heen.  'Wat is er?', vroeg ik. 'Niks.', zei ze. Ik bleef staan en op een gegeven moment begon ze te praten.
Het  volgende was aan de hand: Het meisje  die met haar zou spelen die was binnen gebleven met een ander meisje  dat buikpijn had. Dit vond ze niet eerlijk. 'Beloof is beloofd. We hadden een afspraak.', zei ze. Ik vroeg aan haar wat ze zelf gedaan zou hebben als het meisje naast haar, waarschijnlijk een van haar beste vriendinnen, buikpijn had. 'Maar toch... ' Afspraak was afspraak, vond ze.
'Ze komt straks vast nog wel even naar buiten. Probeer haar maar eventjes te vergeten en ga lekker spelen en plezier hebben.' Het was alsof ik een knop had omgedraaid. Haar gezicht klaarde op en binnen de kortste keren zag ik haar weer lachend rondrennen.

Een jongetje dat zijn handen niet bij zich kon houden wist me wel aan te wijzen waar zijn oren zitten en wist ook wel dat oren bedoeld zijn om mee te luisteren, en niet slechts horen, waarbij het de ene oor ingaat en de andere uit.
Toch betrapte ik hem er steeds weer op dat hij geen goed gebruik maakte van zijn oren.
'Wat heb ik je nou gezegd?', vroeg ik dan. 'Dat ik moet ophouden.', zei hij.
Dat had ik helemaal niet  gezegd, maar goed. Hij had het goed begrepen, maar er naar leven was weer wat anders. 'Zie je wel dat je het weet. Probeer maar goed te onthouden.' En weg was hij.


Een ander jongetje hield wel van wilde spelletjes, totdat hij in huilen uitbarste.

Elk boos of verdrietig gezichtje en dat waren er zeker een stuk of acht in een half uur, deed me heel even zuchten.
Het was  mooi om te zien hoe die gezichtjes dan binnen een mum van tijd weer op konden klaren. Het was prachtig om te hoe kinderen die op de grond hadden gelegen, met hun handen in elkaars haren, elkaar hadden geschopt en geslagen of elkaar aan de oren hadden getrokken elkaar het volgende moment weer konden omhelzen. Alsof er niks was gebeurd.


Het enige wat ze nodig schijnen te hebben is een luisterend oor van een onpartijdige derde persoon die 'de boosdoener' even een standje geeft, als het er even niet allemaal even eerlijk en lief aan toe gaat.
Vaak kunnen ze na zo'n moment vol conflicten, boze gezichten, tranen en verwijten weer gezellig samen spelen.
Maar soms ook niet. 'Raak elkaar maar even niet meer aan jongens. Ga maar met andere kinderen spelen.'
Dan liepen de jongens, die elkaar net om de nek waren gevlogen,  naar wat andere kinderen toe en sloegen een arm om hun nek. 'Horen wij bij elkaar? Zijn we een groepje?', hoorde ik de ene aan de anderen vragen. Grappig hoe dat gaat. Echt het instinct van kuddedieren. Samen staan we sterk.
Het jongetje dat net met tranen in zijn ogen had rondgelopen klom op het speeltoestel en maakte een praatje met de jongen die al de hele pauze op het speeltoestel had gezeten. 'Alleen maar goede kinderen op het speeltoestel. Geen slechte.' hoorde ik hem zeggen. Het jongetje klom erop.
Achter de jongen, die een soort bewaker van het fort leek, ontdekte ik nog meer jongens die dikwijls de dupe werden van plagerijen en pesterijen. Ik glimlachte naar het (b)engeltje die de het fort bewaakte. Hij glimlachte terug.


Het half uurtje ging voorbij. We  stonden in de rij om weer naar binnen te gaan. Het meisje waarvan de vader uit Egypte komt, maar zij niet, werd stevig aan haar haren getrokken door het meisje uit Cuba, dat wat groter was dan de rest en waarschijnlijk is blijven zitten.  'Maar dat deed ze ook bij mij.', zei het meisje uit Cuba toen ik haar op haar gedrag aansprak. 'Maar dat is toch niet zo aardig?', vroeg ik. Lekker inspelen op het ontwikkelende geweten van die kleintjes.  Ze was het met me eens.





'Waarom doe je het dan terug?' Het meisje uit Cuba gaf geen antwoord. Toen moest het andere meisje, dat aan haar haren was getrokken, lachen. 'Ik deed het niet eens, dat was zij!' Ze wees de boosdoener aan, liep naar haar toe en ging haar even de les lezen.

Er was ook nog een jongetje die nooit wat doet, het is nooit zijn schuld. Alles gaat altijd 'per ongeluk.' Maar toch viel hij de anderen lastig, want zijn naam werd steeds genoemd. Ik sprak hem er op aan. 'Je moet anderen kinderen geen pijn doen, ook al doe je het per ongeluk.'

Achteraf ging ik nog even naar hem toe, toen hij weer rustig op zijn stoeltje zat in de klas, met zijn lippen stijf op elkaar gedrukt.'Wat is er?', vroeg ik. 'Niks!' Met deze kinderen was er nooit wat als je het vroeg maar ze kunnen wel heel boos kijken.  Goed gedrag belonen en slecht gedrag negeren, spookte het door mijn hoofd.'Je hebt goed geluisterd naar mij daarnet.'  'Een beetje...', zei het jongetje uit Marokko heel eerlijk. Er verscheen een glimlach op zijn gezicht.

'Waar kom je vandaan?', vroegen ze aan mij toen ik een uur eerder de klas binnenliep.
'Waar komen jij vandaan?', vroeg ik op mijn beurt.
 'Wie ben je? Ben je de nieuwe overblijfjuf?'
Op de kaart die in de klas hing wezen ze me aan waar zij woonden, aten hun boterhammetjes op en gingen naar buiten. Ik liep achter de kinderen aan die niet netjes konden wachten tot we met z'n allen naar beneden zouden lopen. De  Turkse wat oudere overblijfjuf wachte op de anderen.

Buiten draaide ik me een half uur in de rondte en liep ik over het hele plein.
Het was een speelkwartier vol conflicten, vol wilde dieren, vol kleine mensen, personen in wording, vol vreugde, vol verdriet, vol mooie momenten.




Geen opmerkingen:

Een reactie posten