We stapten in de metro richting Ahrenfelde. De volgende stop
was Hackesher markt.
We waren moe van het lopen. We hadden al veel gereisd.
Ik moet je iets verklappen. Je kent het vast
wel, dat gevoel, dat je het gewoon niet kan helpen. Soms wordt je heel plotseling zonder dat je het had verwacht, smoorverliefd. Ik, ik ben verliefd. Ich habe mich verliebt in Berlin.
We liepen het gebouw binnen en betaalden het
studententarief. Wat fijn om student te zijn.
Het gebouw was prachtig versierd.We keken een beetje rond, bewonderden de zaal, staken een kaarsje aan, ook al ben ik niet religieus, en maakten een wens.
Ik zou het je wel willen vertellen wat ik heb gewenst maar als ik het je verklap komt het niet uit. Ik ben ook niet bijgelovig.
Er leek geen einde aan te komen.
Aan het einde was het, zoals dat wel vaker het geval is wanneer je ergens veel moeite voor doet en wilt opgeven maar doorgaat, het allemaal waard. Toen we boven stonden keken we uit over de stad met haar torens en cathedralen, kantoren, winkels, pleinen, kanalen, parken, bruggen en... wegwerkzaamheden. Wat een prachtig gezicht.
Het wou helaas niet helemaal lukken om een foto te maken waar zowel de mooiste eigenschappen
van de achtergrond als wij in naar voren kwamen. Waar het uitzicht het mooiste was wierp de zon een schaduw over ons gezicht.
'What goes up must come down', dat heeft de zwaartekracht nou eenmaal zo bepaald. De weg naar beneden is altijd het gemakkelijkste. We begonnen aan de afdaling. Op de weg naar beneden kwamen we heel wat ‘oudere’ mensen
tegen om ze maar niet bejaard te noemen. We keken hier van op. Wat knap! Zelfs wij met onze
‘jonge benen’ waren klagend de (wentel)trappen opgeklommen en hadden hijgend en
puffend de top bereikt, vermoeid door de klim. Op de weg naar beneden telde ik
de vele treden, 276 treden, min of meer. Ik kan niet tellen.
Tenslotte nog een foto met deze naakte schoonheden, en toen hadden we wel honger.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten