Komen is makkelijk. Komen doen we met een glimlach. Komen doen we vrijwillig. Behalve als het moet dan komen we gedwee. Komen, moet niet altijd. Komen mag, soms. Maar soms hou je komen niet tegen, want het komt zoals het komt en daar moet je mee leven.
Maar met gaan, daar moet je vrede mee sluiten. Gaan, dat is moeilijk. Of het nou zo is dat jij gaat, of een ander, iedereen heeft er moeite mee. Of ze het nou graag willen, dat gaan of graag willen blijven. Het blijft moeilijk.
Want als je wilt gaan, dan moet je wachten tot de tijd van gaan aanbreekt en als je niet wilt gaan, houd je de tijd niet tegen. Gaan, moet je. Want er is een tijd van komen en een tijd van gaan. Dat is vaak vroeg geleerd en oud gedaan. .
Maar wat als de tijd van gaan komt, hoe gaat dat dan, dat gaan?
Met wat lieve, laatste woorden, dankbare woorden. Met een kus, een knuffel, een hand. Boze woorden of dikke tranen, in stilte?
En wanneer je gaat, waar ga je dan naartoe?
En is gaan werkelijk gaan? Vaak ga je niet, als je gaat.
Soms is gaan, niet gaan.
Soms is gaan blijven.

Geen opmerkingen:
Een reactie posten