Zo moeilijk is het niet en het kan best wel gezellig zijn!
Er zijn een aantal dingen waar je op moet letten (Het zijn er wel meer, maar we doen het er hier even mee) :
Er zijn een aantal dingen waar je op moet letten (Het zijn er wel meer, maar we doen het er hier even mee) :
- Het (gezamenlijke) doel is duidelijk
- Iemand neemt de leiding
- Taken worden verdeeld
- De schouders gaan eronder
- Iedereen draagt zijn steentje bij
- Er wordt goed gecommuniceerd
- Er wordt op elkaar vertrouwd
- We steunen elkaar
- Motiveren elkaar
- Tonen dankbaarheid voor elkaars inzet
- Het proces wordt gemonitord
- Samen bereik je de eindstreep
- Samen behaal je je gezamenlijke doel.
Het doel is duidelijk
Je moet nog een opdracht maken, naast het tentamen om het
vak te halen. Het is een moeilijke opdracht, een ware uitdaging. Bij het eerste
werkcollege hoor je dat het de bedoeling is dat je samenwerkt. Je kijkt om je
heen en je kent niemand. Uiteindelijk wordt er een groepje gevormd. Het doel is
duidelijk: Jullie willen allemaal een voldoende halen. De volgende vraag is: Hoe?
Ik ben me er van bewust dat ik vaak de leiding neem. Ik neem
het voortouw, want als ik het niet doe, wie dan wel? En kan je het niet het
beste maar gewoon zelf doen, als je wilt dat het goed gaat? De leiding nemen
kan zwaar zijn.
De leiding nemen is een ding, maar dit betekent niet alles alleen doen. De taken
moeten natuurlijk verdeeld worden en dat verdelen van taken dat moet eerlijk verlopen: Ik ben toch niet gek? Iedereen moet een even grote bijdrage leveren aan het eindproduct, dat uiteindelijk moet staan als een huis.
De schouders gaan
eronder
Hoe bouw je een huis?
De schouders gaan eronder: Iedereen doet mee. Iedereen
begint met de taak die ze aan het begin hebben gekregen. Er wordt duidelijk
gemaakt dat er ruimte is voor vragen. Het wordt zelfs verwacht dat men vragen
stelt als iets niet duidelijk is. We helpen elkaar, is het motto. Twee, drie,
vier of vijf weten meer dan een.
Het liefst kom je een paar keer bij elkaar om
werkelijk de schouders er samen onder te zetten. Dan blijkt dat niet iedereen
dat nodig vindt of (en daar kunnen ze helemaal niks aan doen) ze hebben gewoon
geen tijd.
Jij wel, maar zij niet. Zij hebben gewoon een ontzettend druk leven. He, wat jammer!
Jij wel, maar zij niet. Zij hebben gewoon een ontzettend druk leven. He, wat jammer!
Een steentje wat weegt dat nou? Vele handen maken licht
werk, dat weten we allemaal. Maar wat nou als niet iedereen besluit hun handen uit hun mouwen te
steken of als iemand beweert het wel te doen, maar je vervolgens de armen niet
ziet verschijnen.
Mijn gedachte rondom samenwerken: Iedereen hoort in een
groep met een gezamenlijk doel een even grote bijdrage te leveren. Iedereen hoort
hun steentje bij te dragen. Als dit namelijk niet het geval is, wordt de last
voor de anderen die wel hun steentje bijdragen en daarnaast de overige
steentjes dragen die gedragen moeten worden naar de eindstreep, om het uiteindelijke
product te kunnen bouwen lood zwaar.
Er kunnen overal miscommunicaties voorkomen, tussen
partners, in een gezin maar ook in een groep waarmee je samenwerkt. Ik zeg
bijvoorbeeld A, heel duidelijk A, ook een aantal keer A, maar op de een of
andere manier wordt er toch B verstaan. Hoe dat dan kan, onbegrijpelijk, maar
het gebeurd echt.
Vragen stellen, was een must, werd aan het begin
afgesproken maar vaak worden die vragen dan toch niet gesteld.
Een dag voor de deadline, als jij het idee
hebt dat alles vlekkeloos verloopt, haast trots bent op het proces, krijg je
opeens te horen dat iemand eigenlijk nog lang niet klaar is met hun deel.
Waarom niet, is dan de vraag, hoe komt dat?
Toen je ondertussen had gevraagd of het allemaal lukte, hoorde je ze niet klagen.
O, ze hebben het niet begrepen.
Maar, de deadline is MORGEN!
Maar waarom vroeg je dan niet om hulp is dan de volgende vraag: “Omdat ik het alleen wou oplossen om jullie niet lastig te vallen.” O
ja, heel fijn en kijk wat we ermee op zijn geschoten.
Als het een paar keer gebeurd in een samenwerkingsproces dat
je het idee hebt dat je wel de leider bent, soort van, maar er ook alleen voor
staat, dan wil je op een gegeven moment het liefst niet meer verder. Je hebt
het voortouw in je handen maar het liefst wil je gewoon loslaten. Maar op zo’n
moment heb ik toch het gevoel, en een angst dat me bekruipt van: Maar als ik
het touw loslaat, wat dan? Wat zou er gebeuren als ik het touw inderdaad gewoon
loslaat? Wat zou er gebeuren als ik besluit niet meer achter andermans kont aan
te rennen, hen niet meer te pushen iets te doen maar ook eens achterover zou
leunen. Komt er dan uberhaupt wel wat van of zal al mijn moeite verloren gaan.
Maar op zo’n moment dat je geneigd bent het touw los te
laten, je voelt je moe, kapot, je voelt je niet gewaardeerd, je voelt alsof je
de enige bent die echt haar best doet, terwijl anderen vooruit proberen te gaan
op jouw rug, dan zet je toch even op een rij wat er allemaal op het spel staat , als jij los laat en het dan mis gaat.
Het touw loslaten
gaat niet zo maar als je toekomst er van af hangt, als een onvoldoende op een
werkstuk nog een extra jaar studeren kan betekenen.
Eigenlijk vertrouw je die stuurlui
die aan wal staan, toch niet zo. Misschien weten ze dat ook al te goed.
Je sleept met de zware stenen heen en weer en je krijgt
nauwelijks hulp. De ander beweert het goed te bedoelen maar waarom blijft het daarbij en beweert de armen uit
de mouwen te steken, maar waar blijven die armen dan?
Waar blijven die handen
die het zware werk lichter moeten maken. Het wachten blijkt steeds weer ter vergeefs.
Het vertrouwen wordt steeds weer geschonden als men weer niet aan verwachtingen
blijkt te voldoen en zich voor de zoveelste keer niet aan een afspraak houdt,
maar steeds weer bergen belooft, met goud.
Steun, waar blijft die steun dan?
De motivatie gaat verloren. Degenen die alles doen, die zijn
het zat. Degene die niks doen die merken dat degene die alles doen het zat zijn
en degene die wel wat doen, maar niet zo veel om er werkelijk last van te
hebben, maar tegelijkertijd ook geen last ervaren van degene die niks doen, die
vinden het ook vervelend dat die anderen elkaar af zitten te katten, want
die frustratie, je moet er toch wat mee. Frustraties moeten geuit worden,
vervolgens worden uitgepraat en dan kan men weer verder, anders ontploft de bom
toch, op een gegeven moment. Veel
frustratie dus, dat wel, maar de motivatie is ver zoek.
Tonen dankbaarheid
voor elkaars inzet
Inzet? Welke inzet? Praatjes vullen geen gaatjes. De prijs voor de beste smoesjes gaat naar…
Het proces wordt
gemonitord
“Jongens, het schiet niet echt op zo. Wie heeft de laatste
versie? Wie heeft nou deel 1 gedaan en wie deel 2? We zijn bijna klaar!” De taakverdeling is op een gegeven moment
geheel door de war gelopen. De steentjes die de ene liet vallen, konden de
anderen niet laten liggen. Men werkt
verder, maar het proces verloopt niet geheel volgens plan.
Je hebt dezelfde ronde voor de tweede keer gerend en het ging niet geheel volgens plan. De eerste
keer ging het ook niet volgens plan en toen bleek je inzet ter vergeefs te zijn.
De taken waren verdeeld en werden vervolgens niet door iedereen uitgevoerd. Het totale
eindproduct bleek niet aan de eisen te voldoen, dus dan doe je wat je moet
doen: Je rent het rondje opnieuw .
Na ploeteren en zweten, frustraties, vallen
en opstaan bereik je de eindstreep weer, met z’n allen, maar sommigen gingen achterop
de rug van de anderen want ze wilden niet rennen maar ze wilden wel mee. Het is dan ook echt onzettend sneu om ze achter te laten, ze als een baksteen te laten vallen. Maar dit rennen met iemand op de rug is ontzettend vermoeiend natuurlijk.
Samen behaal je het
gezamenlijk doel
Het gezamenlijk doel houdt je ondanks het gewicht dat op
je drukt, ondanks alle vermoeidheid op de been. Nog even, we zijn er bijna, met
z’n allen en daarna hoeft het nooit meer met z'n allen, tenminste niet met elkaar (want we lusten elkaar nu wel rauw).
Het gezamenlijk doel was een voldoende, die wordt behaald
door iedereen, maar is door die stuurlui aan wal niet echt verdiend, naar jouw gevoel, een gevoel dat aan je knaagt, maar wat doe je ermee?
Je weet niet zo goed wat je er mee moet. Wat een oneerlijke boel.
De volgende keer probeer je in ieder geval niet meer met die
stuurlui op een bootje te stappen, de stuurlui die het liefst aan wal staan en
vervolgens als ze besluiten op te stappen er op uit lijken te zijn het bootje
te doen zinken (ondanks het gezamenlijk doel, hoe boycot ik de boel?)
Samenwerken. Ik weet wat naderhand wel het inhoudt en ik zie er elke keer weer tegen op.
Dit herken je vast wel?
Als het er op zit slaak je een diepe zucht.
De volgende keer meer geluk met het samenwerkingsproces. Dit keer was het niet zo'n succes.
Benieuwd naar meer verhalen over samenwerken?
Benieuwd naar meer processen die niet volgens plan verliepen?
Benieuwd naar meer verhalen over samenwerken?
Benieuwd naar meer processen die niet volgens plan verliepen?
Benieuwd naar momenten waarop het wel goed ging?















Geen opmerkingen:
Een reactie posten