'Nee, dat kan ik niet', zei ik. 'Dan moet je naar les,'
'Ik wil gewoon elke donderdag van jou les, hier', zei hij. Daar ging ik verder niet op in.
'Ik heb geen tijd voor les', ging hij verder. Hij zei het met een grijns op zijn gezicht.
De reden dat hij geen tijd had voor les was dat hij vier dagen in de week een koksopleiding doet en daarnaast moet chillen. 'Jammer dan', zei ik.
'Jij kan het me leren. Je bent boom faya.' Ik schoot in de lach. Hij was half Surinaams, dat verklaarde een boel en half Servisch.
'Een aparte mix', zei ik. Hij keek trots.
'Hoe oud ben je eigenlijk', vroeg ik toen op een hele plagerige toon. Terwijl ik het vroeg keek ik recht in zijn schattige babyface.
Hij ging meteen in de verdediging. 'Hoezo, ben ik te jong voor je?'
Ik moest lachen en herhaalde mijn vraag zonder op zijn vraag in te gaan. '19 en jij?'
'21', zei ik. Zo veel scheelt het niet. Ik stak mijn tong naar hem uit.
Hij zei dat hij de volgende keer wel zijn baard zou laten staan. Welke baard, vroeg ik me af. Hij zag dat ik niet geloofde dat er al haar groeide op dat jonge gezichtje.
'Hier groeit het wel hoor', en hij raakte zijn kin aan, 'maar hier nog niet', zei hij en wreef met zijn hand over zijn getinte wangen. 'Het komt wel', zei ik 'binnenkort heb je een heel oerwoud op je gezicht'.' Ik zag dat hij niet kon wachten tot er een enorme bos haren op zijn gezicht verscheen, want dan was hij een man en werd hem niet langer gevraagd hoe jong hij was.
Ik moest nogmaals lachen en maakte vervolgens dat ik wegkwam. Zonder om te kijken naar de negentien jarige jongen met de babyface greep ik de hand vast van een man die het naar me uitstrekte en me op die manier ten dans vroeg.
De rest van de avond negeerde ik de jongen met de babyface en probeerde ik me ook zo min mogelijk aan te trekken van de hele horde jongens die opeens was binnen gestroomd, uit het niets was verschenen en nu op een rij stond. Het krioelde er opeens van de mannen. Ik werd er ongemakkelijk van en sloeg mijn armen om me heen.
Ze konden geen van allen dansen maar liepen van de ene naar de andere gewillige dame.
Stiekem hoopte ik dat de uitsmijter ze er een voor een uit zou gooien, maar op vrouwen jagen is helaas geen misdaad.
Ik deed wat ik kwam doen en wat ik kan doen. Ik ging dansen.
'Kom je uit Suriname of uit Curacao', vroeg ik een jongen uit Honduras waarmee een vriend uit Colombia me kennis had laten maken. 'Uit Curacao', zei ik.
'Maar jullie zijn familie toch?' Mensen relateren Curacao en Suriname op de een of andere manier altijd met elkaar.
'Nee, dat zijn we niet', zei ik. Een Antilliaanse man zou een vrouw niet boom faya noemen. Ze slingeren wel uitspraken naar je hoofd als: 'De zon schijnt speciaal voor jou' en heel veel andere dingen waar ik soms ook ontzettend om moet lachen.
Meer gerelateerd verhalen/related stories
Geen opmerkingen:
Een reactie posten