Ik had me net door twee hoofdstukken geworsteld en daarna
kroop ik vermoeid in bed maar dat liep uit tot een gevecht. Aan de ene kant stond ik, met een zwart scherm
en mijn ogen gesloten. Aan de andere kant vlogen alle gedachten over de
hoofdstukken die ik net had gelezen door mijn hoofd. Ik voelde me klein en
kansloos maar vastbesloten.
Ondertussen probeerde ik een comfortabele positie te vinden,
op mijn rug, op mijn buik of toch op mijn zij en wat te doen met mijn armen? Ik
lag onder de dekens te woelen in een poging een warm nestje te bouwen maar het
wilde niet lukken. Steeds wist een koude luchtstroom weer binnen te dringen terwijl
ik de boel probeerde te isoleren.
Ik viel in slaap, na een eeuwigheid en moest er kort daarna
weer uit en daarna nog eens en nog eens en nog eens… Het was zoals gewoonlijk
weer een nacht van 1001 plaspauzes. Als je moet, dan moet je, helaas.
Ze zeggen dat alles went behalve …
.
De ochtend brak aan. Mijn wekker ging. Nog even, dacht ik, nog even en strekte mijn arm uit
om een eind te maken aan het gepiep. Vervolgens nestelde ik me weer onder de
dekens. Wat was het er heerlijk warm en wat was mijn bed heerlijk zacht. Hoefde
ik maar niet op te staan, kon ik maar even blijven liggen, nog even, nog even.
Ik wierp een blik op mijn telefoon en probeerde te
calculeren hoe groot de schade zou zijn als ik nog een klein kwartiertje bleef
liggen, een kwartiertje maar…
Nog even, nog even…



Geen opmerkingen:
Een reactie posten